zaterdag 12 december 2009

Oh kijk nu! Het is nu officiëel!

Hier zijn een paar url's:

http://www.tijd.be/nieuws/buitenland/Blair_noemt_invasie_in_Irak_terecht.8271848-439.art
http://news.bbc.co.uk/2/hi/uk_news/politics/8408918.stm


Binnenkort is het zeven jaar geleden, maar beter laat dan nooit? Hoewel, Brad DeLong zou zeggen "seven years late and billions and billions of dollars short".

Hoe dan ook: het is nu officiëel. De beslissing om in 2,003 Irak binnen te vallen stond volledig los van de aanwezigheid van massavernietigingswapens ("WMD"). "Indien hij had geweten" dat er géén WMD waren, dan had hij ook besloten Irak binnen te vallen.

Nu, terzijde, we weten natuurlijk al lang dat ze héél goed wisten dat er geen WMD waren. Dat weten we omdat niet alleen de inspecteurs van de VN (waarvan ze zo lang probeerden vol te houden dat die hun werk niet mochten doen) dat doodeenvoudig gezegd hadden. En dat weten we omdat hun eigen CIA dat doodeenvoudig gezegd had. En dat weten we omdat het doodeenvoudig in hun eigen "Dalfür" (of hoe die ook weer precies heette) rapport stond. En de mooiste van allemaal, dat weten we aan de manier waarop de campagne die ze destijds hebben opgezet, waarmee ze de CIA probeerden te beschuldigen dat ze het gevaar van de WMD probeerden te verdoezelen, zo erbarmelijk in het water viel. Immers, toen ze nauwelijks een jaar later snel een zondebok nodig hadden om te verklaren waarom ze "geloofden" dat er WMD waren, toen klonk ineens dat ze dat geloofden omdat de CIA hen dat had wijsgemaakt (1)!

En natuurlijk stond de hele bende (die vandaag de dag zo goed is in het ontmaskeren van "Obamania" en andere klimaathysterieën) klaar om pink op de naad alles te slikken wat Bush maar beweerde, en natuurlijk was er niet één die ook maar iets vreemds had opgemerkt. Waar waren ze toch allemaal, al die ontmaskeraars, toen we ze zo hard nodig hadden?

Maar terug naar het onderwerp. Hier hebben we dus een land dat niemand had aangevallen en niemand bedreigde. En hier hebben we een buitenlands regime - en het is zéér pijnlijk het te moeten opbiechten, maar dat is dat Westen dat zich zo graag een torenhoge morele superioriteit aanmeet - dat heeft besloten dat daar iemand anders aan de macht moet komen. Een buitenlands regime dat zeer goed weet dat er betere redenen dan "omdat we daar zin in hebben" nodig zijn om zomaar een oorlog te beginnen. Een buitenlands regime dat dan maar een hoop redenen fabriceert, en intussen, bijna zeven jaar later, doodleuk toegeeft dat ze nu eenmaal iets van argumenten moesten hebben, en als het geen WMD waren geweest, dan had het iets anders moeten zijn:

"Ik zou nog altijd gedacht hebben dat het juist was om hem (Saddam Hoessein) te verdrijven', zegt Blair. Hij voegt wel toe dat hij andere argumenten nodig gehad zou hebben om de aard van de dreiging te omschrijven."

En dus is het nu officiëel. Ze hadden géén redenen om een oorlog te beginnen tegen een land dat niemand had aangevallen en niemand had bedreigd. Ze wisten zeer goed dat ze daar evenwel wèl redenen voor nodig hadden. En nu geven ze toe dat om het even welke reden goed genoeg was, want ze zouden het hoe dan ook gedaan hebben, en ze zouden de redenen achteraf verzonnen hebben - precies zoals ze nu ook hebben gedaan.

Oorlogsmisdadigers, dus. En zoals bij eerdere gelegenheden waren er weer een hele hoop die de hele tijd probeerden van "Wir haben es nicht gewuszt".

Maar ze hebben het wel gewuszt.

Zoals alweer Brad DeLong een tijdje geleden zei: iedereen die zich ooit voor de oorlog in Irak heeft uitgesproken en die sindsdien aanspraak maakt op ook maar een greintje geloofwaardigheid in geopolitieke onderwerpen doet er goed aan de volgende twee vragen te beantwoorden:

Wanneer had je door dat de hele Irakoorlog één van de grootste geopolitieke blunders uit de geschiedenis van het Westen was?
Wanneer, en wààr (url?) heb je dat openlijk toegegeven?

Tony Blair, de poedel van Bush
Tony Blair, de poedel... van een poedel


---------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2007/02/als-we-het-toch-eens-hadden-geweten.html
EN http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2007/05/de-profetische-blik-van-de-cia.html

vrijdag 11 december 2009

Van "Symmetrie" en "Unificatie"

In de natuurkunde betekent "symmetrie" dat verschijnselen die er sterk verschillend uitzien in werkelijkheid aan elkaar gerelateerd zijn; tot het punt dat ze twee kanten van eenzelfde munt kunnen zijn (1). Bijvoorbeeld, als "rust" en "(eenparige) beweging" in wezen niet van elkaar te onderscheiden zijn, dan moeten ze op één of andere manier wel hetzelfde zijn. Tussen dat inzicht, en het uitwerken van de bijhorende natuurkundige theorie gaapt nog altijd een hemelsbreed verschil. Maar toch: het inzicht opent tenminste de weg naar die theorie, en verder kan het best al heel nieuwe inzichten opleveren. Bijvoorbeeld, als het tussen twee rijdende treinen onmogelijk is om te zeggen welke beweegt en welke stilstaat, tenzij er een extern referentiepunt optreedt (bijvoorbeeld, een bordje met de naam van het station), dan volgt daaruit dat beweging alleen zin heeft in termen van "ten opzichte van wat?" (2).

De geïnteresseerde leek die ik ben kan het natuurlijk mis hebben, maar ik dacht dat het inzicht al bekend was bij Galileï, maar dat we voor de theorie moesten wachten tot 1,905. Een ander voorbeeld vinden we in de negentiende eeuw. We kenden magnetisme en we ontdekten electriciteit. Vervolgens ontdekten we de "symmetrie" tussen beide, en nog later vond Maxwell de theorie die beide unifiëerde: voor zover ik weet één van de grootste wetenschappelijke doorbraken van die eeuw.

De vandaag meest legendarische doorbraak van de wetenschappelijk geschiedenis kwam van Einstein. Zijn "meest gelukkig" idee was het besef dat versnellende beweging en zwaartekracht equivalent zijn. En dat er tussen deze "symmetrie" en de bijhorende theoretische unificatie een groot verschil was: onze "meest" legendarische wetenschappers heeft het geweten. Maar intussen hebben we toch maar de algemene relativiteitstheorie aan hem te danken, momenteel juist honderd jaar geleden.

Nu is het zo dat er binnen de "versnellende beweging" nog een symmetrie is. Als "eenparige beweging" betekent dat je op eenzelfde tijd eenzelfde afstand aflegt, dan betekent "versnelling" dat je op zelfde tijdsspannes verschillende afstanden aflegt (technisch betekent "versnelling" dus ook vertraging!). Maar een tweede vorm van beweging die niet-eenparig is, en dus "versnelling" is een draaiende beweging; waarbij je van richting verandert. (Dat feit zien we geïllustreerd in technieken die artificiële zwaartekracht opwekken, en die ofwel gewone versnellingen gebruiken, ofwel sneldraaiende systemen.)

Kortom, als ik me niet vergis - maar de lezer beseft wel dat ik ver, ver boven mijn niveau aan het spelen ben: zoals steeds een levende uitnodiging om mijn begrip bij te schaven - is er een symmetrie tussen een verandering van snelheid in een gegeven richting, en een verandering van richting bij een gegeven snelheid (3). Nog minder weet ik wat de natuurkundige theorie die van deze symmetrie een unificatie weet te maken te zeggen heeft. Maar als ik even aanneem dat het bovenstaande allemaal wel klopt, dan levert dat nog interessante vragen op.

Immers, filosofen speculeren al sinds het ontstaan van de mensheid over vragen als "wat is ruimte" - en wetenschappers doen hetzelfde sinds veel recenter, maar vermoedelijk veel effectiever. Eén van de onderwerpen waarover een soort overeenstemming bestaat is het feit dat we ruimte wel als drie-dimensionaal zien, maar dat ruimte daarom nog niet noodzakelijk drie-dimensionaal is (4). Zelfs het woord "zien" is al zwaar overdreven, want niemand heeft ooit ruimte ge"zien". We hebben natuurlijk wel afstanden gezien, en beweging, maar het verband tussen dat en "ruimte" is nu juist wat we zo in vraag hebben gesteld, bijvoorbeeld in de post van voetnoot (2).

Dus: als we "veranderingen in richting" uitdrukken in onze klassieke drie-dimensionale ruimte, dan kan je er uitstekende berekeningen mee maken, die uitstekende resultaten geven (als je, bijvoorbeeld, raketten naar de maan wil sturen). Maar dat is nog iets anders dan begrijpen wat ruimte is. Je weet er niet mee waarom er (klaarblijkelijk, en voor zover we kunnen zien, en voor zover we ons kunnen voorstellen) drie dimensies zijn, en geen vier, of zes, of tien, of elf. Trouwens, wat is dat, een "dimensie"? Als abstracte Euclidische operatie kan ik me er iets bij voorstellen, maar daarmee weet ik niet waarom je er onze realiteit zo goed mee kan benaderen, laat staan waarom dat in bepaalde omstandigheden juist weer niet kan.

Maar stel nu dat je een natuurkundige theorie had die niet alleen de symmetrie tussen "verandering van snelheid" en "verandering van richting" erkende, maar ook waar die twee een unificatie in vonden. Klinkt dat niet alsof we dan iets te weten zouden komen over precies wat "dimensies" zijn, en bij uitbreiding wat ruimte is? Of misschien druk ik dat beter veel bescheidener uit: aangenomen dat die theorie er al is: moet het dan niet mogelijk zijn daarmee enkele dingen te zeggen over dit onderwerp, zodat het grote publiek (lees: ikzelf) ook enig idee heeft waarover het gaat?

Of misschien is eerder het omgekeerde waar. Versnelling zelf heeft ook nog veel dat mysterieus is in onze stand van kennis. Immers, het relativiteitsprincipe van voetnoot (2) vertelde ons dat er helemaal geen manier was om processen uit te drukken in termen van abstracte ruimte; dat we altijd beroep doen op concrete objecten die dienst doen als referentiekader. Alleen bestaat daar één uitzondering op (zo heb ik me laten vertellen), en dat is versnelling. Het definitieve oordeel (zo heb ik me laten vertellen) is nog onzeker, maar het zou blijkbaar kunnen dat versnelling, en niets dan versnelling, een mogelijk contact legt naar een absolute ruimte zoals Newton die zo vakkundig inzette. Dus in de omgekeerde beweging van de vorige paragraaf: aangenomen dat we wèl weten wat "ruimte" is en "drie dimensies", zou dan de unificatie van "verandering van richting" met "versnelling" ons iets bijleren over die laatste kwestie?

Allemaal vragen...

--------------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2008/06/wetenschappelijke-en-filosofische.html
EN http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2009/02/een-sokalprobleem.html
(2) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2009/02/het-relativiteitsprincipe.html
EN http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2006/03/ik-word-gevolgd-door-de-maan.html
(3) noodgedwongen doe ik mijn verhaal in een Newtoniaans vertelkader, alsof we precies weten wat dat betekent; "gelijke tijdsspanne" en "zelfde richting" en dat soort dingen.
(4) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2009/05/op-zoek-naar-verborgen-dimensies.html

donderdag 10 december 2009

Canossa

Tom Holland doet me in zijn Millennium (1) een heuse verandering van perspectief ondergaan. En hij schrijft het al in het voorwoord, maar de rest van zijn boek werkt het uit met zo'n gevoel voor meesterschap in de "narrative history" dat ik het boek terzijde al vier sterren op mijn schaal van "kwotering" (2) wil meegeven: een erg hoge score.

Maar dat perspectief. Neoliberalen zoals ik, maar ook vele anderen, zijn van mening dat een groot deel van de oorzaak van de huidige dominantie van "Het Westen" ligt aan enkele historische factoren. Dus "de Verlichting" en "de Wetenschappelijke Revolutie" en "de Technologische Revolutie" en "het Kapitalisme",... En zelfs als we erkennen dat het verhaal subtieler kan verteld worden (Jared Diamond!), dan nog houden we ons graag aan die versie.

En dat blijft ook na het lezen van dit boek wel zo. Maar een onderdeeltje van het verhaal ziet er misschien toch wel anders uit dan gedacht. Men heeft u verteld dat Europa tijdens zijn donkere middeleeuwen in de greep zat van religieus obscurantisme en kerkelijke repressie, en dat met het geleidelijk optrekken van die dichte, dichte mist de weg vrij lag voor een meer rationele aanpak. Maar Tom Holland zegt u dat dat minstens een erg eenzijdige kijk op de zaak is. En in die inleiding op zijn boek neemt hij ons mee naar het huidige Reggio Emilia in Italië, en vertelt hoe daar, in het jaar Onzes Heeren 1,077, iets merkwaardigs gebeurde.

Op die plaats liggen nu nog de ruïnes van een kleine versterking zoals Europa er zoveel heeft gekend, en die destijds Canossa heette. Daar ontmoette de toenmalige Duitse koning Hendrik de Vierde de toenmalige paus Gregorius om hem onder het overladen met smeekbedes en boetedoeningen vergeving van al zijn zonden en misstappen af te smeken. Zonden en misstappen die er in belangrijke mate in bestonden dat Hendrik had geprobeerd de paus af te zetten - dus men begrijpt dat er meer dan enkele gestamelde excuses en gemompelde uitvluchten nodig zijn geweest, destijds, ginder in Canossa.

En men begrijpt dat Canossa niet zomaar een achteloze ontmoeting was tussen twee hoogwaardigheidsbekleders, maar wel het dramatische hoogtepunt van een machtsstrijd, die vele, vele maanden - en in zekere zin zelfs generaties - had geduurd, en waarin de ene partij een grote overwinning op de andere bezegelde.

Het Christendom, hier in het Westen in volle opmars, steunde historisch (zoals overigens in veel andere beschavingen) op twee peilers: een wereldse en een spirituele macht. En zoals vaak was hierbij de wereldse macht dominant, denk maar aan de Keizer in Byzantium, aan wie de patriarch ondergeschikt was. Zo ook, dus, benoemden West Europese keizers bisschoppen en pausen grotendeels naar goeddunken, en zetten ze ze ook even gemakkelijk weer af. Toen al had de paus niet zo heel erg veel divisies...

Maar toen Hendrik IV dat kunstje ook probeerde bleek dat er in de wereld één en ander veranderd was. Gregorius sloeg Hendrik in de banvloek, ontsloeg al zijn onderdanen van hun Goddelijke plicht om hun Keizerlijke eed te vervullen, en ineens stond Hendrik eenzaam en geïsoleerd tussen een bende grijnzende roofdieren. Waarna hij "naar Canossa ging"; aanhalingstekens om uit te drukken dat hij dat niet alleen letterlijk deed, maar ook dat dat een zodanig monumentale gebeurtenis was dat het sindsdien een uitdrukking is geworden in vele Europese talen.

Allemaal naverteld op een niveau waarop ik alleen maar jaloers kan zijn - maar dit terzijde. Intussen hebben we toch maar niet langer het verhaal van een rationalistisch Europa dat zich met veel moeite ontworstelt aan een obscurantistische kerk. Het is integendeel het verhaal van een vooruitstrevende kerk die zich ontworstelt aan een overheid die zich destijds, duizend jaar geleden, al evenzeer bemoeide met dingen die haar niet aangaan als vandaag.

Uiteindelijk, eeuwen en eeuwen later, komt het op hetzelfde neer. Er kwam een scheiding tussen kerk en staat, en die had de positieve invloed die wij, neoliberalen en vele anderen daaraan toeschrijven. Maar datzelfde verhaal, voor de verandering eens verteld met de kerk in een andere rol dan die van de eeuwige boeman - ik zit er heus niet krampachtig op te wachten (3), maar ik vond het wel eens interessant.

---------------------------------
(1) Ah, de Nederlandse vertaling van het boek heeft als titel "De Gang naar Canossa". Aangenomen dat de vertaling deugt: een echte aanrader.
(2) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2006/03/kwotering.html
(3) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2009/11/het-christendom-en-het-ontstaan-van-het.html

maandag 7 december 2009

Baby Simon heeft wéér oorontsteking

Einde bericht...

UPDATE de volgende avond: Druppels voor de oortjes, druppels voor de oogjes en druppels voor het neusje. Hij eet ook niet goed, maar hij slaapt veel, en dat maakt dat alles bijeen onze nachten nog lang niet de ramp zijn die ze in de zomer waren. Maar tussen die rampen en wat er nodig is zit er nog een hemelsbreed verschil. Dus weinig beweging, hier...

zondag 6 december 2009

Eind goed, al goed

De dag was al meteen goed vertrokken: kleuter Sarah sloop tot halfweg de badkamer in en maakte toen trippelend rechtsomkeer, recht de kamer van mama en papa in. "Ik moet pipi doen maar ik durf het licht niet aansteken" sprak ze fluisterend. Ik wist al dat het een meevaller was voor ik me had omgedraaid en op de wekker gekeken: een eind na zeven uur: dat had op zes december véél slechter gekund!

Bovendien is het nog pikdonker en peuter Thomas slaapt nog. Omdat iedereen weet dat Sinterklaas 's nachts niet graag gestoord wordt kunnen we kleuter Sarah overtuigen om zich na de sanitaire stop (op gezag van papa kon het licht uiteindelijk toch aan) nog een tijdje tussen ons beiden koest te houden, en nadat peuter Thomas na acht uur (en bij schemering) tekenen van leven begint te geven begeeft de hele familie zich vol spanning naar beneden.

Dit jaar staat kleuter Sarah sprakeloos. Vorig jaar stootte ze indianenkreten uit, maar nu staat ze met open mond te kijken. De hele tafel lijkt wel vol te staan, en ze weet niet waar ze moet beginnen. Maar dan ziet ze het lappen popje van Mega Mindy en ze begint dolgelukkig te stralen. Ja, ze had een heuse brief aan Sinterklaas gedicteerd, en zeer bescheiden had ze bovenaan het verlanglijstje een lappen popje van Mega Mindy gezet. En verder nog een kleurboek met elfen en prinsessen, en een micro. Waarom een micro, Joost mag het weten, maar in ieder geval, vooralsnog mogen we ons gelukkig prijzen met de zeer redelijke aanspraken van onze dochter: we vermoeden dat het niet zal blijven duren...

Ontroerd om zoveel gezond verstand had Sinterklaas er uit eigen beweging nog de slaapkamer van het prinsessenkasteel aan toegevoegd. De mico was opgewaardeerd tot een CD-spelertje waarin je met een micro kan meezingen, en voor de rest was er nog wat klassieke versiering in de vorm van chocoladen Sinterklazen en koekjes: je kent dat.

En kleuter Sarah was voor de rest van de dag vertrokken, dolgelukkig met haar lappenpopje en haar uitgebreid prinsessenkasteel.

Peuter Thomas probeerde al een paar weken klanken als "itte aas" en "atte piet" uit te brengen, maar hij wist toch veel minder wat er aan de hand was. Hij stond dan ook met grote oogjes naar een "drakenburcht"; een simpele toren met daarin twee vriendelijk uitziende groene krijgers te kijken: die stond zomaar bovenop zijn ontbijtbordje! De verbazing belette hem niet meteen maar te proeven van de kleine letterkoekjes die overal lagen rond gestrooid en tevreden "sjokolaa" te zeggen toen hij de chocolade mannetjes zag staan.

De rest van de dag vorderde dus probleemloos tot mijn vrouw zei: "oh, kijk eens door het raam!" Twee hoofdjes draaiden naar de straatkant en potverdeseme! Daar stond toch zeker Sinterklaas! En twee Zwarte Pieten! En toen die de vier kleine grote oogjes op zich gericht zagen stapten ze wuivend en lachend de oprit op en algauw werd daar aan de deur geklopt. Hard geklopt, zelfs. Kleuter Sarah was al naar de voordeur gestormd maar bij zoveel hard geklop beschreef ze een halve draai rechts en crosste al even snel de woonkamer weer in. Papa maakte dan maar zelf de deur open en het moet gezegd: een zeer vriendelijke, hartelijke Sinterklaas stapte binnen, gevolgd door twee joviale Zwarte Pieten die schitterend op hun neus keken toen ze een standje kregen om zoveel hard geklop.

Toen was het ijs snel gebroken en vanop de arm van papa stak peuter Thomas zijn handje uit naar Zwarte Piet. Die gaf glimlachend een hand terug, waarop peuter Thomas met een zeer ernstig gezicht "allooo" sprak. De hele groep schoot in de lach en nu schudden kleuter Sarah en peuter Thomas alle handjes die ze maar konden vinden.

De goede Sint haalde zijn grote zwarte boek boven en las, duidelijk goedkeurend, voor hoe flink Saartje tegenwoordig met haar broertje speelt, en hem helpt met woordjes leren (de hemel weet dat dat nodig is) en met puzzels en spelletjes, en kleuter Sarah kon haar glunderende verbazing niet kwijt: hoe wist die Sint dat allemaal? Tja, woorden als "e-mail" en "de Gezinsbond" zijn haar voorlopig nog onbekend. Peuter Thomas werd gefeliciteerd om zijn vooruitgang in het spreken, en allebei kregen ze nog een eervolle vermelding om zo flink te zijn voor broertje Simon.

Ik moet zeggen, ik vond het allemaal heel goed gedaan. De Sint was dus die hartelijke figuur en de knechten waren vriendelijke helpers die van een grapje hielden maar intussen toch maar zakken snoep uitdeelden en goedkeurend knikten bij zoveel goed rapport. Op het einde stelde Sint voor dat ze een liedje zouden zingen. Kleuter Sarah hief meteen De Stoomboot aan, en met enige vokale ondersteuning van peuter Thomas zong ze foutloos, zowel in melodie als in tekst, de twee strofen vol.

Toen namen de Sint en zijn gevolg afscheid en de dag kon niet meer stuk. Peuter Thomas raakte maar niet over zijn verbazing om zijn eigen stoutmoedigheid heen en sprak de rest van de dag niet veel vaker dan om de vijf minuten "atte piet andje gegeven eh?". Hij is er duidelijk trots op, zijn eerste contact met een wereldberoemd persoon.

"Misschien hebben we wel zoveel speeltjes gekregen omdat we zo flink zijn geweest" sprak kleuter Sarah peinzend. Nog maar twee dagen geleden was ze eerder lastig geweest, en hoewel het echt niet de spuigaten had uitgelopen had ze zich daarna erg bezorgd afgevraagd "zou ik nu nog wel cadeautjes krijgen?". Hoe hard mama en papa ook herinnerden aan de woorden van de Sint "er zijn dit jaar geen stoute kinderen", ze was niet meer gerust te stellen. En zo lag ze deze morgen in ons bed voor te stellen te gaan kijken of (in plaats van, bijvoorbeeld, hoeveel) er cadeautjes zouden zijn, en was ze klaar voor een dag waarvan Hollywood, in termen van "happy end", iets had kunnen leren. Eind goed, al goed en op naar volgend jaar!