maandag 21 april 2014

Te zonnig om waar te zijn?

Paul Krugman plaatst een grafiek op zijn blog (1) die de evolutie weergeeft van de kost per Watt aan zonne-energie, gedurende de laatste 25 jaar:



En dat lijkt wel te zonnig om waar te zijn! Begrijp ik correct dat die kost met een factor 17 (!) is gedaald? Klopt het dat we stilaan op het punt komen waar zonne-energie competitief wordt met verbrandingsenergie?

Ik weet er allemaal absoluut niets van, dus wie weet hoeveel "politieke vervuiling van het denken" ik me laat opsolferen. Maar laatst heb ik ergens in een krant gelezen over een nieuwe doorbraak (de zoveelste); materiaal dat toeliet veel dunnere cellen te produceren, die het allemaal nog eens een stuk rendabeler zouden maken... In feite zou ik er wel veel meer over willen weten - maar waar vindt een fatsoenlijk Christenmensch de tijd om eerst goede bronnen te vinden, en ze daarna nog te lezen ook?

Het zou mooi zijn, nietwaar, als al die doorbraken als "warmtepompen" (wat mij betreft had het laatste woord even goed Chinees kunnen zijn, maar dat verandert natuurlijk niet dat die dingen intussen bestaan) nu ook nog gekoppeld werden aan je eigen dakbedekking en alle gezinnen hebben gratis verwarming? Naar ik me heb laten vertellen zijn we daar nog "ver" vandaan - maar dat doet me denken aan wat ik vaak lees over de Industriële Revolutie die pakweg 200 jaar geleden volop op gang kwam. Voor de tijdgenoten van destijds, jaar na jaar na jaar, leek het alsof er helemaal niet zo ontzettend veel tegelijk veranderde, maar eenmaal je er met een perspectief van ettelijke decennia naar kijkt ziet het verhaal er heel anders uit.

Dus wie weet schrijven ze in 2200 boeken over het petroleumtijdperk van de twintigste eeuw, dat niet eindigde bij gebrek aan petroleum zoals het stenen tijdperk niet eindigde bij gebrek aan stenen. Wie weet schrijven ze er over zoals over de stoommachine, of de spinnerij, die na reeksen en reeksen kleine doorbraakjes, gespreid over vele, vele jaren, aan het einde de indruk gaf dat de wereld er "plots" heel anders uitzag...?

---------------------------------------------
(1) http://krugman.blogs.nytimes.com/2014/04/15/rising-sun/

zaterdag 19 april 2014

Philip Kerr

Iemand raadde me Philip Kerr aan, omdat hij wist dat ik zo van Alan Furst (1) gecharmeerd was. Het zijn "policiers"; iemand is vermoord en de vraag is, wie heeft het gedaan. Een genre dat ik nooit lees; het zegt me helemaal niets, zoals andere mensen nooit science fiction lezen waar ik me dan weer zo zalig tevreden bij kan voelen. Smaken, nietwaar? Maar mijn gesprekspartner zegt me dat het alweer die atmosfeer rond de Tweede Wereldoorlog in beeld brengt, zonder dat je de hele tijd in veldslagen en strategieën terecht komt, maar wel vanuit het beeld van gewone mensen; en deze keer vanuit het standpunt van - Berlijn!

OK, OK, natuurlijk is de held een rabiate anti-nazi (cetera cetera), maar daar leef je dan, in het Berlijn van WO II, en je bazen zijn nu eenmaal Nazis en concentratiekampen als Dachau bestaan nu eenmaal echt (cetera cetera), en ik was dan maar begonnen aan March Violets, de eerste uit een serie over een politiecommissaris die ook maar in dat wereldje terecht komt, en vanuit de "ik" figuur rond kijkt.

March Violets was duidelijk een eersteling, dus met "fouten" die zelfs ik kan herkennen. Maar wat kan ik daar over zeggen, gegeven dat Kerr met fouten en al oneindig veel beter kan schrijven dan ik? En de man die het me aanraadde had een punt; nu zie je eens het Berlijn van pakweg 1940, en dat is ook wel eens de moeite waard. Dus ik kreeg het met de nodige moeite ("twee sterren op de schaal van Kwotering") uitgelezen, en ik besloot het nog eens met "Prague Fatale" te proberen. Dat is een duidelijk veel rijper werkstuk. En kijk, ik heb het met plezier gelezen, ook al vond iemand als ik (nog maar eens) de onvermijdelijke lange serie interviews met potentiële verdachten eerder langdradig. By the way, geldt het niet als een overtreding tegen de vertelkunst dat sommige draden die daar worden opgeworpen nooit een einde krijgen? Hoe dan ook, de problemen van de gewone Berlijner die het in 1941 ook al met rantsoenering moet doen, de dilemma's van serieuze mensen die met de joden politiek worden geconfronteerd maar niet kunnen antwoorden op de vraag waarom ze dan de bende aan de macht hebben gestemd, en nachtelijke Britse bommenwerpers: daar doe ik het voor.

Maar er was ook een probleem. Eén van de belangrijkste nevenfiguren is Reynhard Heydrich, en daar had ik al vaag van gehoord, als een net-niet-top Nazi, en voor de rest een wit blad in mijn hoofd. En het probleem was: in feite had ik wel sympathie voor de figuur. Oh, de schrijver zegt je wel dat de man een monster was, en de nachtmerries over wat de hoofdfiguur in Byelorussia zelf heeft gezien, zelf heeft meegemaakt, zelf heeft moeten doen - het maakt allemaal één en ander duidelijk. Maar ik had dus "sympathie" voor onze cynische, staalharde (cetera cetera) generaal, die tenslotte nog maar 38 jaar was en toch heel erg was gaan bovendrijven tussen de sharks - als er ooit sharks geweest zijn.

Dus na het boek zocht ik de naam eens op en ik verneem dat van de hele sinistere meute, van Hitler tot al de rest, de naam van Heydrich de meest weerzinwekkende is. En ik, die hier zelf zit schamper te doen over hoe de auteur haastig een anti-nazi tot held heeft gekozen - ik zit me af te vragen of dat niet een grandioze mislukking is. "Zwei Seelen wohnen, ach, in meiner Brust." Is het inderdaad een mislukking, of misschien een door mij compleet gemist meesterstuk van de kunst, dat ik het boek neerleg met het idee dat die Heydrich er in feite best een boeiende figuur uitziet?

En weet je, het loopt slecht af met de knappe maar onvermijdelijke spionne, die afschuwelijk wordt gemarteld zonder dat het ooit sensationeel of voyeuristisch wordt verteld, maar ondertussen heel levendig in scène wordt gezet: wat een prestatie! Toch zit ik hier ontzettend op mijn stoel te schuiven bij het pijnlijke feit: de schrijver zet een figuur als Heydrich neer en mijn eerste reactie was "wie omeletten wil maken moet eieren breken".

Nee, echt blij ben ik er niet mee, maar het was een spannend boek en ik voel me in feite ontzettend uitgedaagd: heb ik het slecht begrepen? Waarschijnlijk zal ik nog wel eens een boek van Kerr lezen. En Prague Fatale zelf: een welverdiende driester op de schaal van kwotering (2).

--------------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2012/08/alan-furst.html
EN http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2012/09/night-soldiers-alan-furst.html
(2) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2006/03/kwotering.html

vrijdag 18 april 2014

Weer een weekje aan zee

Traditiegetrouw waren we met de hele familie een week naar zee getrokken, en traditiegetrouw hadden we ons over het weer niet teveel illusies gemaakt. Dit onder andere op basis van het weerbericht. Dus was de verrassing des te aangenamer als je daar met je stevige trui en flinke jas op dat strand staat, en hé, er is geen wolkje te bekennen. Dit jaar was het qua temperatuur tamelijk fris, maar toch strandweer: een veertien graden en daarop een stevige aprilzon, geloof me, we hebben er allemaal een kleur van.

Een minder goede dag is bij ons Plopdag, en daar zagen we het enorme verschil met het kleutertje dat vorig jaar alleen maar op de autootjes wou gaan zitten. Deze keer had hij er na vier beurten genoeg van, en de rest waren de standaard omzwervingen doorheen het park. Ook het groter grut vertoonde een heel ander gedrag: dat gaat nu zelf op allerlei attracties, en dan zie je ze vanop de zijlijn hand in hand en loeiend van de pret de één of andere bocht instuiken - oh, die opgetogen gezichtjes...

100 jaar na 1914 in combinatie met een eerder koude dag was de gelegenheid om ook Diksmuide met onze aanwezigheid te verrijken. In de Dodengang sta je toch eens te mijmeren bij de foto van hoe je daar vier jaar doorbrengt in de koude modder en het winters slijk, en het IJzertorenmuseum is laatst helemaal vernieuwd, en echt de moeite waard. Voor ons is de Eerste Wereldoorlog door de Tweede helemaal in de schaduw weggegleden, maar links en rechts heb ik me staan afvragen of het niet aan Stalingrad deed denken. Als je zoals ik vanuit een positie van nul kennis toch een beetje een beeld wil vormen van waar het over gaat: doen, dat museum, zeker doen. En hoewel het voor kleine kindjes een hele uitdaging blijft, de twee scholiertjes hebben er duidelijk toch iets van over gehouden: ze worden immers al een beetje groter.

Zelfde patroon op het strand. We zaten op een gelijkvloerse verdieping, en wat een verschil nu ze sneller dan de papa doorhebben hoe dat poortje open moet, en hop, het strand op. We hielden dat  wel wat in de gaten, maar op het gelijkvloers is dat nu eenmaal niet zo moeilijk... En dan had je papa die kuierend langs de rand van het water vanuit zijn ooghoeken de twee broertjes volgde terwijl die over het strand meanderden, geregeld elkaar achterna zittend, dan weer naast elkaar en hand in hand naar één of andere gebeurtenis starend. En scholier Sarah, die was de geheimen van de monetaire economie aan het ontdekken, toen kleine meisjes overal standen van papieren bloemen openden, die ze alleen maar kon kopen voor tientallen schelpjes met een heel precieze gekartelde rand. Het duurde niet land voor ze zelf ook achter een rijtje bloemen zat, maar dan was er het probleem dat er geen klanten waren...

"Er zijn veel meer stalletjes met bloemen dan er kindjes zijn die bloemen willen kopen" ontdekte ze een beetje ontevreden, zij die anders zo mogelijk nog dromeriger dan haar papa is. Gelukkig was het nog vroeg in de zonnige namiddag, en geleidelijk vulde het stand zich wat beter, en later dat triomfantelijk glunderend snoetje waarmee ze naar mij keek, bij het weer passeren van ons kasteel om Versailles naar de kroon te steken, toen er niet minder dan twee meisjes stonden aan te schuiven bij haar kraampje.

Naast de monetaire economie heeft scholier Sarah ook het principe van de inflatie en van de winst ontdekt. En toen er dan zo'n klein (naar haar maatstaven) meisje passeerde dat in haar emmertje van geen kanten de hoeveelheden schelpjes had verzameld om de marktprijzen te kunnen betalen, en daar duidelijk erg verdrietig om was, toen kapte scholier Sarah haar emmertje om in de handjes van de uk en al haar winsten waren besteed aan een goed doel.

Zeg nu nog eens dat het kapitalisme het slechtste in de mens bovenhaalt...

vrijdag 11 april 2014

Kunnen eten wat we willen (zonder dik worden)

Op de site van De Standaard stond een artikel over mensen die kunnen eten wat ze willen, zonder dik te worden (1). Het artikel slaat een ietwat ongelovige toon aan: "er zouden wel eens wel degelijk" en dergelijke etcetera, kortom, dat soort mensen bestaat echt, zelfs als het ongelofelijk lijkt.

Uimmmmm.... Ja. Zoekt niet verder! Ge hebt Hem gevonden! Ikzelf! Ik kan er echt ook niet aan doen, en ik zat me zelfs nogal te verwonderen over die "zouden" en "wel degelijk", want ja, voor mij is dat, wel: normaal. Natuurlijk moet ik juist een halve asceet zijn die niet echt te gewoonte heeft zich met alles vol te proppen, maar voor je denkt dat het misschien daaraan ligt, nee, toch niet.

Voor ik mezelf op een suikerdieet heb gezet - helemaal vrijwillig, zonder ook maar iets dat op een doktersvoorschrift leek - heb ik heel mijn jeugd en lang daarna stapels en stapels chocolade en koekjes gegeten, tot het punt dat de cola's en fruitsappen die ik ook veel gedronken heb gewoon niet meer de moeite van het meetellen waren. Welnu, geen gram verschil heeft het gemaakt. In feite zit ik tot de dag van vandaag met een BMI (of hoe het ook heet) die me net niet in de gevarenzone duwt: te mager. En dat terwijl ik toch al een paar jaar "op middelbare leeftijd" ben; dus daar ligt het ook al niet aan.

En dus frieten, mayonaise, vlees, boter, kaas: wat je maar wil, wanneer je maar wil, zoveel je maar wil, het - maakt - geen - gram uit. En weet je, juist omdat ik er vaak genoeg ben mee uitgelachen vind ik dat ik er nu ook wel eens mee mag opscheppen.

Waarschijnlijk kan je je wel inbeelden: aangezien ik dat allemaal doodnormaal vind, heb ik er ook niet veel aan. Als je je nooit moet inhouden, dan ken je ook niet het gevoel je te kunnen laten gaan. Maar soit. Waar het om gaat is: ja, er bestaan "wel degelijk" zo'n mensen. Toegangskaartjes voor 100 euro.

-------------------------------------------------
(1) http://www.standaard.be/cnt/dmf20140410_022

donderdag 10 april 2014

Eind goed, al goed

Scholier Sarah heeft het klassieke Kruistocht in Spijkerbroek gelezen. De hele wereld had gewaarschuwd dat het nog wel wat vroeg was voor een achtjarige, en de hele wereld had natuurlijk gelijk, maar toch... Scholier Sarah is nu ook niet precies van een kleintje vervaard. En ze had al eens gevraagd, met die grote oogjes die vol vertrouwen opkeken naar de Grote Specialist (ikzelf) of ik dat ook had, dat zo'n boek je wel helemaal leek op te zuigen, alsof je terecht kwam in een prachtige droom, en je de wereld wel leek te vergeten...

Ja, scholiertje Sarah, dat is nu precies wat ik ook heb, en veel en vaak en lang, en het goede nieuws is dat er nog héél veel boeken zijn waarmee kindjes zoals jij hun leven zullen vullen. Maar alles wanneer de tijd gekomen is, natuurlijk. Ze is er zich nu al van bewust dat er zoiets bestaat als Lord of the Rings, en ze kan haast niet wachten... Maar dat zou echt te vroeg zijn, en het zou heel jammer zijn al die pret door ongeduld te bederven...

Kruistocht in Spijkerbroek, dus. Het was inderdaad nog wat vroeg. Maar ze is helemaal haar papa. Wij kijken naar boeken zoals veel mensen naar veel kunstwerken kijken. Een schilderij, een muziekwerk: je ondergaat het toch ook niet maar één keer om het dan voor altijd te negeren? Zo ook met boeken, en inderdaad zijn we in onze eerste lectuur vaak wat oppervlakkig - maar dan al die wonderlijke ontdekkingen die je doet als je het een paar jaar later nog eens opnieuw leest - en voor de vijfsterren onder de boeken, later nog eens, en nog eens...

Het ging inderdaad wat met horten en stoten, maar uiteindelijk greep het haar vast, en het zoog haar op als in een droom, alsof ze de hele wereld vergat... En ineens stond ze daar, met hangende schouders, met een sip gezichtje, en de wangen... Ze waren nat van de tranen! Want het boek was zo heel mooi geëindigd, zo heel ontroe - hoe - hoe - rend. Ja, vertelde ze snikkend, toen de papa bezorgd ter hulp snelde, ze had nog nooit een boek gelezen dat zo mooi was geëindigd.

En zo hebben we weeral heel veel bij geleerd. Boeken hoeven niet te eindigen met "ze leefden nog lang gen gelukkig". Het kan er ook mee eindigen, na dat machtig avontuur dat je daar net hebt beleefd, dat je afscheid moet nemen van je vrienden, één na één, beseffend dat je ze nooit meer zal terug zien, en dan terug naar die eigen wereld van je, je hebt er de hele tijd naar verlangd, maar het blijft een enorme ontnuchtering... De keuzes die je in je leven moet maken, de blijdschap je mama en papa terug te zien...

Het goede nieuws was Thea Beckman nog veel meer boeken heeft geschreven. Ja, het is eigenlijk nog wat vroeg. Maar haar gezichtje klaarde er helemaal van op.

zondag 6 april 2014

Afstamming

De jongste weken was ik wat actiever op Twitter (1), en één van de dingen die ik daar heb ontdekt is dat de verplichte bondigheid van het gekwetter een groot onverwacht voordeel heeft. Je kan niet op elke misvatting, misinterpretatie of misrepresentatie ingaan, en dus laat je maar passeren en stuur je zo goed en kwaad als het gaat de conversatie in de gewenste richting. Dus wordt niemand ingesmeerd met zijn eigen beweersels, veel minder gekwetste ego's, niemand bij wie ik me toch eens zou moeten excuseren voor wat hij nu weer heeft uitgekraamd, en zelfs dat enorm betweterige van het stuk voor de jongste komma komt er minder uit de verf.

En toch komt er wel eens iets heel inhoudelijks uit de bus. Dus ik leer heel wat bij en ik vertel zelf ook wel eens wat, en vaak kan dat allemaal met een veel beter humeur.

Nu zal "politieke vervuiling van het denken" altijd wel voor een stuk wrevel zorgen, en zo zal het ook wel geweest zijn in de uitwisseling over de nieuwe namenwet, maar desondanks is er inhoudelijk iets uit de bus gekomen dat wel eens de moeite waard is om bijeen te sprokkelen.

De familienaam van een kind, dus, is niet langer vanzelfsprekend de naam van de vader. En dat stuitte wel eens op heel wat verzet, waarvan ik niet altijd zeker ben of het niet om een aantal rationalizeringen ging, waarachter alleen maar het verlangen naar dat goeie ouwe patriarchaat probeerde weg te kruipen. Neem nu het argument dat nu de "afstamming" bijzonder onduidelijk ging worden; al die genealogen die het nu moeilijk zouden krijgen!

Nu, dat zou best kunnen, natuurlijk, maar hoe zit het met de heel spontane uitroep, op heel vriendelijke, heel rustige toon gemaakt, van mijn vrouw toen ze het nieuws hoorde: "jammer dat ze dat nu pas doen". Met de beste wil van de wereld zou ik niet weten wat ik daar kan tegenin brengen, nog minder waarom ik dat zelfs maar zou willen, en nog het minst van al waarom die verzuchting van ongetwijfeld nog heel veel meer mama's minder zwaar zou wegen dan de problemen van de genealogen.

Maar oeioeioei, die afstamming die nu dreigt verloren te gaan! Alleen, vraag ik me af, welke afstamming? Wat mijn vrouw nu juist al die tijd als vanzelfsprekend onderging maar tegelijk toch zo duidelijk als pijnlijk ervaarde, is dat het systeem na één generatie naar 50% van de afstamming verwijst: die van de vader. En na twee generaties verwijst ze nog maar naar 25% van de afstamming: in de mannelijke lijn. Na drie generaties is het nog maar 12.5%, of in het algemeen, in het bestaande systeem verwees de familienaam naar 1 gedeeld door 2 tot de macht n percent van de totale afstamming, waarbij n het aantal verstreken generaties voorstelt. Bijvoorbeeld, na drie generaties is het nog 1/2³ zijnde 1/8 of 0.125, of de 12.5% van daarnet.

Of ook, uitgedrukt in antwoord op het feit dat de naam Habsburg nu eenmaal wel wat meer voorstelt dan een merk van shampoo:





Zijnde: 200 jaar geleden noem ik tien generaties; 2 tot de macht tien is 1024, dus 1 over twee tot de macht tien is ca 0.001 of de 0.10% van de tweet. En natuurlijk, als ik met ontstellende oppervlakkigheid over het hoofd zag dat een generatie geen 20 maar wel 25 jaar telt, dan is het juiste antwoord 1 over 2 tot de macht 8, en dan drukt de naam van een huidige mevrouw Habsburg geen 0.10 maar wel 0.39% van haar afstamming uit. Niet alleen maakt dat geen moer uit voor mijn conclusie, maar bovendien illustreert het hoe heel die zorgvuldig bewaarde afstamming, die zo belangrijk was dat...

 

... het tot vandaag een "verschil" geeft dat de moeite waard was om er over te beginnen - maar desondanks in één klap weer helemaal verdwijnt...



... zodra en met als enige reden dat er een individu tussen zat die een vrouw is.

Kortom, die ongelofelijk, buitengewoon belangrijke band tussen naam en afstamming is op geen enkel moment erg sterk; is zelfs hoogstens tijdens een handvol generaties zelfs maar een beetje significant, en tendeert dan zeer snel naar totale onbeduidendheid. Dat allemaal, opnieuw, op basis van geen ander feit dat elke generatie weer de verwijzing naar de afstamming in de vrouwelijke lijn geëlimineerd wordt.

Op Twitter, dat nu eenmaal altijd erg beknopt moet, zijn we werkelijk tot die conclusie geraakt, maar niet tot een andere heel leuke vaststelling. Het systeem signaleert een tamelijk grote band met de afstamming wanneer die nog vanzelf vrij duidelijk is - namelijk wanneer je in termen van ouders en grootouders denkt, maar juist wanneer, en omdat, je gaat kijken naar vroegere generaties verdwijnt het verband als sneeuw voor de zon.

En dus denk ik dat ze dat verband tussen naam en afstamming inderdaad om één of andere reden erg belangrijk vinden, maar niet om de reden die ze inroepen. Dat doet vermoeden dat er met de werkelijke reden iets aan de hand is dat niet voor publicatie vatbaar is. Zelf denk ik dat het iets met het "patriarchaat" te maken heeft. Maar ik ben de eerste om te weten: op dat laatste punt kan ik het gemakkelijk mis hebben. De rest was rekenkunde.

---------------------------------------
(1) https://twitter.com/Koenrobeys

De computer is al ettelijke uren niet gecrashed...

Dus hopelijk kan de activiteit één dezer herbeginnen!