Posts tonen met het label de scholieren Sarah en Thomas en kleuter Simon. Alle posts tonen
Posts tonen met het label de scholieren Sarah en Thomas en kleuter Simon. Alle posts tonen

maandag 6 april 2015

Het was figuurlijk!

Omdat we met scholier Thomas voor de tweede keer een communicant hebben, en omdat er voor de communicantjes een paasmis was, zaten we gisteren nog eens in een kerkdienst. Daar kwam op een bepaald moment de mevrouw die de catechese gaf aan het woord, en die deed dat heel goed, met haar microfoon tussen de kindjes, in termen van "en wat heeft Jezus daarvan gezegd" en zo. En ik moet zeggen dat het ook voor de filosoof in mij best interessant was, want waar ik met Charles Vergeer in "Jezus de Nazarener" graag een opstandelingenleider tegen de Romeinen zie (1), klonken al die oproepen van "ontwaak, het uur van het Rijk Gods is gekomen" alsof je de geschiedenis voor je ogen aan het werk ziet.

Maar even later passeerde de mevrouw bij scholiertje Sarah die zich, twee jaar ouder, ook onder het klein grut had gemurwd, en juist op dat moment vroeg ze naar de betekenis van "de steen die was weggerold" en "het graf dat leeg was" en je kent dat. En scholier Sarah kreeg de micro onder haar neus en... voor de ogen van de parochie Leest verklaarde scholier Sarah dat "dat figuurlijk was, en dat het helemaal niet ging om een vermoorde leider en een geplunderd graf, maar dat de dood het leven had overwonnen en de steen, dat was wat wij allemaal geregeld zelf in ons leven moeten wegrollen enzovoort etcetera, en de mevrouw was zo sportief te erkennen dat ze er zelf even stil van was.

En mama en papa lagen in elkaars armen van het verbijtend lachen, en na de dienst kwam één van de mama's naar ons toe en zei in volle ernst "kijk, dat is nu de eerste keer dat ik het iemand heb horen uitleggen op een manier dat ik het ook begreep". Ik weet nog dat ik iets gedacht had, en daar ook uitsprak: "juf Nick (vierde leerjaar) mag er trots op zijn". Zeg nu zelf, de verhalen van kindeke Jezus afraffelen kan iedereen, maar ervoor zorgen dat de kindjes er iets van kunnen maken èn navertellen...?

En natuurlijk was het via de tante van een nichtje van een buur van de kozijn van de bakker ook ter ore van juf Nick zelf gekomen, en toen die nieuwsgierig vroeg welk kindje dat zo goed gedaan had, en vernam dat het het zusje van scholier Thomas was, had ze verrukt verklaard dat "die bij haar in de klas zat", en vandaag heel het verhaal weer aan mijn vrouw verteld. Die op haar beurt juf Nick de eer toekende die haar toekwam, want werkelijk - ik heb scholier Sarah vandaag nog het principe van de seksuele selectie uitgelegd; maar de morele dimensie van het evangelie, echt waar, dat heeft ze van het scholeke.

Intussen is dit inblazen van een schaarse vonk in een dood blog ook wel een beetje geïnspireerd door het besef dat dat het één van de laatste keren is dat ik nog over "kleuter" Simon kan schrijven. Wel, kleuter Simon doet het goed! Thuis heeft hij altijd veel minder belangstelling getoond voor "de lettertjes" dan zijn broer en zus, en aangezien ik nog liever doodval dan dat soort dingen te gaan pushen... Natuurlijk zag hij wel hoe de grotere kalibers vaak met hun neusjes in de boeken zaten, en een paar lettertjes (S van Simon! K van Kobe! N van Nobel, zijn knuffel!) kende hij al, maar toch...

Tot ze er in de klas rond gewerkt hadden, en en hij kwam thuis en hij kon 20 (!) letters lezen. Jaja, destijds kon peuter Sarah ze allemaal toen ze twee jaar en drie maanden was (2), maar toch, voor kleuter Simon was het een groot verschil. En het was nog niet gedaan. Een paar dagen geleden vroeg hij me, zomaar uit de blauwe hemel: "papa, hoe schrijf je paashaas?". De P had hij al; "en dan de A, papa?". Die opgetrokken wenkbrauwtjes, die alerte oogjes, dat kleuterstemmetje... Natuurlijk moest ik hem vertellen dat er twéé A's in het spel waren, maar dan vond hij zelf de S van Simon en H van Hannah (een nichtje). Iets zegt me dat het ook wel goed komt... Uiteindelijk heeft hij zijn brief aan de paashaas toch maar gedicteerd, en de eerste zin was: "liefste paashaas, ik heb een losse tand". Ja, een mens moet weten wat er in de wereld echt belangrijk is, nietwaar? Intussen is die tand zelfs al uitgevallen, maar dat hoeft u niet verder te vertellen, hoor. De hele wereld weet het al.

Tussen de grote zus en kleuter Simon blijft intussen scholier Thomas zijn rustige zelf. Scholier Sarah had op een half jaar tijd de hele serie Harry Potters gelezen, dus dat wou scholier Thomas ook wel eens proberen. Aan een veel redelijker tempo ploegde hij zich door Harry Potter... weken regen zich aaneen tot maanden, koninkrijken kwamen op, sterrenstelsels ontstonden en vergingen... En toen was het boek uit. Eergisteren. Hij had het toch wel goed gevonden. En toen we gisteren bij tante Inge waren bleek dat daar deel II beschikbaar was. Dat heeft kleuter Thomas ontleend, en nu ligt het op zijn plaats aan tafel. Hoofdstuk 1 zit er al op.

------------------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2006/12/geef-aan-de-keizer.html
(2) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2007/10/baby-thomas-is-vier-maanden-oud.html

woensdag 1 oktober 2014

De laatste kleuter...

Twee keer heb ik de toenmalige kleuters Sarah en Thomas, enkele maanden voor ze zes jaar werden, bijna voor mijn ogen zien veranderen van kleuter in scholier. Zomaar opeens leek er een heel ander kind voor je te staan, de houding, de manier van spreken, de manier van kijken. En je weet: ons kleutertje is geen kleutertje meer, en dat is dan weer een hoofdstuk van het leven dat afgesloten raakt.

Met de des te meer aandacht kijk ik dus naar kleuter Simon. Over ruim zes maanden wordt hij zes - maar hij is nog altijd een echte kleuter. "Papa, ik heb onder water gezwommen!" roept hij uit wanneer hij uit het zwembad komt waar hij leert zwemmen, en dat komt van zo diep uit zijn borst door zijn keel gescheurd dat je voelt: hij had nooit voor mogelijk gehouden dat een dergelijk wapenfeit zelfs maar mogelijk was; zelfs maar denkbaar was. Met grote oogjes kijkt hij me aan, met opgetrokken wenkbrauwtjes doet hij zijn verhaal, meer fantasie dan werkelijkheid, en het enthousiasme om het zwemavontuur op volle kracht.

Maar je weet dat het de laatste maanden zijn, dat het in feite vanaf nu van de ene dag op de andere gedaan zal zijn. Hij wil een dessertje en hij wil een bekertje melk en een verhaaltje voor het slapen gaan, en hij stelt allemaal vragen over Sinterklaas, en of "het" nog lang duurt. En zooo trots omdat hij zich al helemaal zelf kan aankleden! Hij is een heel levendig kind, en dat zal hij wel blijven ook, maar ook nu: de oogopslag, de manier om naar de wereld te kijken, dat ontzag waarmee hij de ongelofelijke avonturen beschrijft die hij beleeft: in de derde kleuterklas; het zal allemaal verdwenen zijn en later denk je er aan terug in termen van "toen de kindjes nog klein waren" - en je vraagt je af of het wel allemaal echt gebeurd is.

En terwijk ik het allemaal schrijf zit scholier Sarah haar zeer simpele pianodeuntjes te oefenen. Ze doet het dolgraag, en dus zit ik nu vertederd te luisteren naar dat kinderstemmetje dat daar op de achtergrond zo blij van "do - la - la -la, do - si - la - do" zit mee te zingen...

dinsdag 23 september 2014

De waarheid omtrent Sinterklaas

Terugdenkend aan die "beelden die zich op het netvlies branden" van enkele dagen geleden (1)... De zeer magere bloggerij van tegenwoordig heeft me er gewoon doorheen doen glijden, maar deze lente hebben we scholier Sarah apart genomen, en haar één van die feiten des levens verteld waar je op je weg naar volwassenheid nu eenmaal door moet. Ze heeft iets "wijs voor haar jaren", die scholier Sarah, maar gelukkig heeft ze ook heel erg iets met fantasie, met ridders en kastelen, met ridders en draken, met elfen en knuffels, en zo blijft ze ("gelukkig") ook nog heel erg het kindje dat ze nu eenmaal mag zijn; amper negen jaar oud.

We hadden bewust gewacht op de lente, om niet in volle pretperiode het feest te bederven, en toen zaten we daar, op een avond, de twee kleine broertjes veilig in bed, en scholier Sarah, acht jaar, een beetje verwonderd over mama en papa die haar tussen zich op de zetel hadden geïnstalleerd. Wij brachten het nieuws over de Sint, heel voorzichtig, heel geleidelijk, en tegelijk zoveel mogelijk met de brede glimlach die moet suggereren dat het ook allemaal zo heel erg niet is. En dat was het moment waarop een beeld zich creëerde, enfin, "foto", "netvlies", je kent dat al.

"Ze heeft iets wijs voor haar jaren"... Ze gaat achterover in de zetel leunen, ze strekt haar hoofdje naar achteren tegen de leuning, en op het mondje verschijnt een weifelend glimlachje: "ik had het eigenlijk kunnen weten". Maar tegelijk is het een verdrietig glimlachje, je ziet het aan de oogjes, waar je terwijl ze in de verte staren in de hoeken duidelijk vocht ziet opwellen, zelfs als ze een beetje door die traantjes heen lacht. De mooie droom - was maar een droom, en je ziet dat het haar toch wel heel erg raakt. "Maar de paashaas - bestaat die dan, soms?" probeert ze nog iets uit de brand te redden, maar ze kan er zelf al nog wat breder om lachen. En dat wijze lachje, die betraande oogjes... "beelden die herinneringen zullen blijven" heb ik het eerder genoemd, die hopelijk nog vele lange jaren zullen meegaan "alsof het gisteren" was.

Gelukkig is ze nog kindje genoeg om al snel ook de voordelen in te zien: wat een samenzwering, waar zij nu ook deel van is, terwijl de broertjes nog wat in de droom gelaten worden! Ze neemt druk nota van allerlei afspraken, maakt ijverig hopen goede voornemens, en probeert te anticiperen op mogelijke "crisissen". Flexibiliteit, weerbaarheid; het zijn natuurlijk allemaal maar héél kleine "crisissen" waar de kinderen van onze verwende samenleving in onze verwende tijden door moeten - maar voor de mama's en papa's zijn het toch grote momenten. Want scholier Sarah - die is er zich heus van bewust dat daar een stukje van haar kindertijd is weggegleden.

---------------------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2014/09/bollekesloop.html

dinsdag 16 september 2014

Bollekesloop

Het was Bollekesloop in Antwerpen, en de foto waarop uitgerekend onze kindjes - de drie gezinnen van de grootouders Robeys zijn vertegenwoordigd - staan was deze keer de affiche waarmee je kon deelnemen aan de loterij om je lengte in vaten bier te winnen: dat alleen al maakt dat we vinden dat wij die loterij moeten winnen, maar ook hier zal deelnemen wel belangrijker blijken dan overwinnen, zeker...?

Zo was het ook in de Kids Run waar zes van de negen kleinkinderen een volle kilometer aflegden (de drie grootste kleinkinderen namen, vanzelfsprekend deel aan de vijf kilometer). Maar toch: eens te meer stond ik zeer verbaasd te kijken toen scholier Sarah veel vroeger dan ik had verwacht bij de aankomst verscheen (1). Dik in de eerste helft, zou ik zeggen, toch niet slecht voor een kindje dat zich al evenveel met sport bezig houdt als haar vader...

Maar de kroon spanden de broertjes, de scholier Thomas en de kleuter Simon. Aan de start stond die kleuter Simon toch maar angstig te kijken, al die grote kindjes rond hem heen, en toch niet zo goed weten waar dat allemaal naartoe moet... Maar goed, de teerling was geworpen, Kleuter Simon bij zijn eerste Rubicon, en papa stond twintig meter verder een beetje gespannen te wachten om het klein grut te zien passeren. En kijk, scholier Thomas had toch zeker zijn broertje aan het handje genomen, en glunderend huppelend passeerde kleuter Simon zijn glimlachende papa - terwijl het nu de beurt aan scholier Thomas was om een beetje bezorgd te kijken: het is toch niet hetzelfde als je zo iemands handje moet vasthouden...

Maar zijn daad van broederliefde werd beloond toen ze minuten later nog altijd hand in hand voor een wild applaudisserende papa de finish passeerden: rood aangelopen maar intussen allebei glunderend om zoveel succes. En scholier Thomas heeft véél complimentjes gekregen voor al die solidariteit en toen is heel de bende bij tante Inge gaan eten, en de dag kon niet meer stuk.

En daarmee heeft zich weer één van die beelden op ons netvlies gebrand, die twee kleine jongetjes, vijf en zeven jaar, glinsterende oogjes, breed lachende mondjes, goed bewust dat ze toch wel heel erg flink waren geweest... "Toen de kinderen nog klein waren"; voor ons is dat nog heel erg nu.

---------------------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2012/10/scholier-sarah-verrast-ons.html

zondag 3 augustus 2014

Nageslacht

Flashback, vroege jaren negentig van de 20ste eeuw...

Een verduisterde ziekenhuiskamer, een patiënt die, verder roerloos, voortdurend zijn handen over het laken laat glijden. Er zijn meer mensen aanwezig dan je misschien bij een ziekbed had verwacht, en gezichten die zelfs al niet meer "somber" of "bedrukt" staan. Weggepinkte of gewoon stromende tranen zijn wat er te zien is, of het zwijgend, berustend hoofdschudden waarmee mijn vader zijn net binnengekomen zuster begroet: een beeld dat tot vandaag als een foto in mijn hoofd zit. Want het was één van die samenkomsten die de dag zelf in zeven haasten was bijeengeroepen: als we nog afscheid wilden nemen van mijn grootvader, dan zou het die avond moeten gebeuren.

En hoe kunnen woorden ooit uitdrukken wat de verzamelende familie voelt, daar, in die duistere kamer waar grootvader Robeys, 92 jaar oud, op zijn sterfbed lag. Als het een middeleeuwse vorst was geweest, dan stond er nu dat hij "gerespecteerd en geliefd" was geweest, en daar zou dan elk woord van waar geweest zijn, en meer dan waar. Dus voor ons wiens vader en grootvader hij al die jaren was geweest voelde het aan alsof de wereld er nooit meer hetzelfde zou uitzien. En grootvader Robeys, die wist zelf ook hoe laat het was, en bij elke bezoeker, of toch in elk geval bij mij, gleed er nog een glimp van herkenning over dat gezicht... en tot zo vele jaren later... als ik er aan terug denk...

Samen met de zus van mijn vader was ook nog de dochter van die zus naar binnen gekomen: mijn nicht. Maar die nicht, die had ook nog een babietje bij! Liesbeth, en dat was dus de achterkleindochter van mijn grootvader. En zo gebeurde dat de nicht haar babietje tot bij onze stervende grootvader bracht, en dat als een zilveren rand aan een donkere wolk op dat gezicht een glimlach doorbrak... En we kunnen maar hopen, nietwaar, dat de aanblik van dat babietje, de dochter van zijn kleindochter, daar op dat sterfbed op één of andere manier toch nog een steun is geweest - zou dat niet kunnen?

Flash-forward, het jaar onzes Heeren, 2014

Een zonnig familiefeest, een feestelijke tuin met hapjes en klinkende glazen en al die blije gezichten! Verschillende mensen die mekaar de laatste jaren en decennia maar heel af en toe gezien hebben, maar bijna elke keer weer gezegd hebben: hé, we kwamen zo goed overeen in onze kindertijd, het valt altijd weer zo goed mee op die occasionele gebeurtenissen, waarom niet eens gewoon terug doen? En daar zaten en stonden we, enkele vertegenwoordigers van de vorige generatie (die tachtigers van tegenwoordig, dat is toch niet meer wat het geweest is, in mijn tijd hield dat zich keurig koest, maar nu entertainen ze het luid schaterende gezelschap, tot en met de kleinkinderen). Verder was er wat ik nog even "de huidige generatie" zal proberen noemen, wijzelf, maar natuurlijk zijn sommige kleinkinderen van die "vorige generatie" intussen  zelf volwassen mensen geworden. In feite zit ik me hier vast te klampen aan dat laatste kleutertje dat ik zelf nog heb meegebracht, en de rest van de "nieuwe generatie" zijn intussen al schoolkindjes geworden.

En oh ja, tussen die al volwassen geworden mensen was er één die dan ook haar eigen baby had meegebracht. Wat kwam dat allemaal weer snel terug, dat goed tegen zijn mama aangedrukte kindje in de draagdoek, dat knuistje, dat mondje dat op een Rode Duivels tuttertje aan het sabbelen was... Het is voor ons tenslotte allemaal nog niet zo lang geleden. Maar er was wel nog een klein, heel subjectief detail. Een mens had het gemakkelijk over het hoofd kunnen zien - maar iemand die zijn blog grotendeels volhoudt omwille van de rubriek "nageslacht" die nu eenmaal een soort spoor tussen de generaties trekt, die kon het nauwelijks missen.

De mevrouw die daar stond te stralen met haar kindje, dat was dezelfde Liesbeth die mijn nicht destijds naar haar stervende grootvader in de verduisterde ziekenkamer had meegebracht: en die nu op haar beurt een volgende generatie meebracht naar een familiefeest.

Tuur, achter-achterkleinzoon die me samen met de herinnering aan zijn over-overgrootvader tot vandaag de tranen in mijn ogen brengt. Dag Tuur, welkom op de wereld.

zondag 29 juni 2014

Hup Holland

Papa zit op een klein schermpje naar allemaal bewegende figuurtjes te kijken die zich over een groene grasmat bewegen: ongeveer de helft is groen gekleurd, de andere helft is oranje. Het is eerder zeldzaam, zeg maar: erg ongewoon, dat papa naar dergelijke dingen zit te kijken, en de Rode Duivels spelen vandaag niet, dus is het normaal dat er al snel een kleutertje naast hem komt staan, die met grote oogjes zegt: "papa, wie zijn dat?".
Ha, zegt papa, die niet iedere dag in een positie zit om een exemplaar van de soort Homo sapiens iets te vertellen over voetbal, dat is de match van vandaag, Nederland speelt tegen Mexico. "En voor wie ben jij?" wil kleuter Simon weten.

Simpel. Papa is voor Nederland, altijd al geweest (1). Niet als ze tegen België spelen, natuurlijk, maar anders, hier geen jaloezie op een land dat nu eenmaal veel beter voetbalt dan wij. Ik heb zelfs al een paar keer tegen de ademloos toekijkende broertjes gezegd, als "wij" spelen, dat we nu nog tegen andere voetbaldwergen uitkomen, maar dat we, in het beste geval, op een dag tegen een echt voetballand zullen uitkomen, zoals Duitsland, of Nederland, en negen kansen van de tien zal het dan amen en uit zijn. Maar tot het zover is, tegen Mexico: voor Nederland, natuurlijk!

Nu gebeurt er iets grappigs. "Welke zijn Nederland? wil kleuter Simon weten. Hahahahaha! Hier zit je te kijken naar twee nationale voetbalploegen op een groot toernooi waarvan één van de twee in het oranje speelt, en er zijn mensen die moeten vragen welke van de twee Nederland is: Hàààààhahahaha! Maar niet te luid lachen, hoor, het is tenslotte nog maar een kleuter, en de omgeving hier is niet erg voetbalminded.

Hoe dan ook, nu volgen de effecten van de indoctrinatie. Meteen zijn de scholieren Thomas en Sarah en de kleuter Simon ook supporters van Nederland, maar het gaat eigenlijk niet zo goed. En dus, terwijl papa zich alweer met andere dingen bezig houdt, klinkt er twee keer op zeer weinig tijd een enorm gebrul op, en wat blijkt? Nederland is geplaatst.

Hup Holland.

--------------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2010/07/de-wereld-kleurt-oranje-hup-holland.html (let ook op de bijzondere kleur van de letters.)

zaterdag 28 juni 2014

Scholier Thomas wordt zeven jaar.

En dat is dan meteen ook het einde van zijn eerste leerjaar. Scholier Thomas heeft flink gewerkt, veel beter dan we verwacht hadden, destijds, toen we zagen hoe moeizaam hij vorderingen maakte met het spreken. Maar zoals ik toen al zei, aan de manier waarop hij wakker uit zijn oogjes keek dacht ik dat er geen reden tot paniek was. En tijdens de loop van het jaar werd er ook al één en ander duidelijk, natuurlijk.

Intussen is het toch maar zijn zevende verjaardag. Hij had heel erg uitgekeken naar een heel bepaalde lego bouwdoos, maar dat ding is niet meer in productie, en ineens dreigden we op de grote dag met lege handen te staan. Maar gelukkig! Vroeg in de ochtend belde een winkel waar we navraag hadden gedaan "of het nog nodig was", en even later stond de glunderende jarige met de grote doos in zijn handen.

Sindsdien hebben we er (de hele rest van de dag) niet veel meer van gezien.

Scholier Sarah had overigens ook erg flink gewerkt (ze leest tegenwoordig haar boeken uit à rato van ongeveer één per dag) en ook over kleuter Simon is iedereen vol lof. Van de soms lastige wildebras van een jaar geleden (natuurlijk noemden we dat toen heel anders) is een nog steeds energieke maar veel redelijker kleuter overgebleven.

En zo gaan de dingen hun gangetje, en alleen maar af en toe sta je even stil bij dat knagende gevoel: "hé, is dat ook alweer zeven jaar geleden...?"

zaterdag 31 mei 2014

Een Efteling ervaring

Nee, deze keer geen sprookje van "het meisje met de zwavelstokjes" (1), en dus geen meelevende tante Inge en flauwe uitvluchten. Maar wel paardenmolens! Het was zo'n existentiëel moment, dat tot stand kwam na een hele dag buitenlucht, zonneschijn, frietjes met dikke saus en spelende en ravottende kindjes. Traditioneel was mijn broer er met zijn drie leeftijdgenootjes van die van ons er ook bij, en het was weer allemaal zo mooi geweest en meegevallen en vertederend: je kent dat.

En naar het einde begaf de hele bende zich naar iets dat voor kleutertjes nog "te eng" was en dus eindigde papa even later in een loepzuivere echo aan drie jaar geleden met kleuter Simon op de paardenmolen. Je voelt wel dat zo'n senior kleuter dat al niet meer hetzelfde vindt als destijds, maar desondanks holde hij nog steeds na elke beurt meteen weer naar het aanschuivende rijtje, en aangezien daar op dat latere uur niet veel volk was draaide hij onafgebroken mee.

Maar ik moest wel elke keer mee. En zo, tijdens één van die toch wel een beetje onwezenlijke Mary Poppins momenten (zittend op de op en neergaande paarden, bijhorende "muziek", de geur van smoutebollen in de ondergaande zon onder de lentegroene bomen...) drongen zich opeens die scènes uit de boeken en filmpjes over het oostfront (!) op, ijzige koude, luizen en gevechten, maanden en jaren lang, en af en toe komt een flard in ze op, een melodietje dat door hun hoofd speelt, een geur zoals van vroeger: hé, in feite bestaat er nog zoiets als een normale wereld; wat is dat lang geleden, kan je je dàt inbeelden, dat een papa misschien wel in de lentezon met zijn zoon op een paardenmolen kan zitten?

Nee, als je denkt dat je je om mij als "filosoof" bezorgd moet maken, omdat het bij mijn taken en plichten hoort me ter pretparke te begeven...

-----------------------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2011/07/over-zwavelstokjes-en-paardenmolens.html
EN http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2010/05/het-meisje-met-de-zwavelstokjes.html

zondag 27 april 2014

De lezer die ook nog deelneemt aan de marathon...

... heeft bij zijn voorbereidingen misschien ook wel het artikel gelezen over "bezorg de deelnemers een overgetelijke doortocht" (1). Helemaal bovenaan staat een foto met een aantal duidelijk enthousiaste supporters, met vier kindjes op de voorgrond, en de grote mensen - zoals dat hoort - wat meer naar achteren. Kwestie van te kunnen zien, nietwaar?

Maar waar haalt zo'n organisatie in godsnaam haar foto's vandaan? Op basis waarvan kiest ze in godsnaam tussen het miljoen foto's die er zijn uitgerekend deze ene? OK, OK, natuurlijk gaat het voor een stuk om die lachende gezichtjes en dat soort dingen, maar toch...

Er is iets meer aan de hand. Iets dat maakt dat uitgerekend ik me nog veel meer dan andere mensen afvraag waarom ze uitgerekend deze foto hebben uitgekozen.

Ik kan u namelijk nog iets meer over die foto vertellen! Als je nog eens goed naar die vier kindjes kijkt, weet dan dat de voornamen van die kindjes respectievelijk "Sarah", "Lene", "Martha" en "Simon" zijn. En mocht de lezer zich vaag afvragen of hij die eerste en laatste naam hier niet al in combinatie met klanken als "kleuter" en "scholier" heeft zien staan, dan is het antwoord: absoluut.

Of hoe zou ik anders kunnen weten wat de voornamen van deze vier kindjes zijn?

-------------------------------------------------------
(1) http://www.dna.be/artikel/bezorg-de-marathonlopers-een-onvergetelijke-doortocht-door-berchem

dinsdag 22 april 2014

Kleuter Simon is vijf jaar oud

En een bewogen vijfde levensjaar is het geweest: als je het zelf hebt meegemaakt weet je wat het is hem daar in zijn ziekenhuisbedje te zien liggen, en dan, toen het niet langer "longontsteking" was, maar ook nog "met complicaties" serieus te beginnen denken aan hoe zoiets ook wel eens slecht afloopt.

Maar we zijn acht maanden verder, en kleuter Simon holt opgewonden achter zijn nieuwe speeltje aan, enthousiast aangemoedigd door zijn grote broer en zus.

En dat maakt het des te bitterder dat we vandaag vernemen dat het zoontje van iemand van mijn werk met leukemie is gediagnoseerd. Wij waren er op een paar dagen doorheen, maar nu horen we over chemotherapie en maanden zware behandelingen "en na twee jaar heb je 80%".

En wij dachten dat we een moeilijke periode doormaakten. En wij hadden het gevoel dat de wereld stil stond... (1).

Kleuter Simon holt opgewonden rond. Maar achter mijn brede glimlach is het een verjaardag in mineur.

------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.be/2013/07/kleuter-simon-is-weer-thuis.html

vrijdag 18 april 2014

Weer een weekje aan zee

Traditiegetrouw waren we met de hele familie een week naar zee getrokken, en traditiegetrouw hadden we ons over het weer niet teveel illusies gemaakt. Dit onder andere op basis van het weerbericht. Dus was de verrassing des te aangenamer als je daar met je stevige trui en flinke jas op dat strand staat, en hé, er is geen wolkje te bekennen. Dit jaar was het qua temperatuur tamelijk fris, maar toch strandweer: een veertien graden en daarop een stevige aprilzon, geloof me, we hebben er allemaal een kleur van.

Een minder goede dag is bij ons Plopdag, en daar zagen we het enorme verschil met het kleutertje dat vorig jaar alleen maar op de autootjes wou gaan zitten. Deze keer had hij er na vier beurten genoeg van, en de rest waren de standaard omzwervingen doorheen het park. Ook het groter grut vertoonde een heel ander gedrag: dat gaat nu zelf op allerlei attracties, en dan zie je ze vanop de zijlijn hand in hand en loeiend van de pret de één of andere bocht instuiken - oh, die opgetogen gezichtjes...

100 jaar na 1914 in combinatie met een eerder koude dag was de gelegenheid om ook Diksmuide met onze aanwezigheid te verrijken. In de Dodengang sta je toch eens te mijmeren bij de foto van hoe je daar vier jaar doorbrengt in de koude modder en het winters slijk, en het IJzertorenmuseum is laatst helemaal vernieuwd, en echt de moeite waard. Voor ons is de Eerste Wereldoorlog door de Tweede helemaal in de schaduw weggegleden, maar links en rechts heb ik me staan afvragen of het niet aan Stalingrad deed denken. Als je zoals ik vanuit een positie van nul kennis toch een beetje een beeld wil vormen van waar het over gaat: doen, dat museum, zeker doen. En hoewel het voor kleine kindjes een hele uitdaging blijft, de twee scholiertjes hebben er duidelijk toch iets van over gehouden: ze worden immers al een beetje groter.

Zelfde patroon op het strand. We zaten op een gelijkvloerse verdieping, en wat een verschil nu ze sneller dan de papa doorhebben hoe dat poortje open moet, en hop, het strand op. We hielden dat  wel wat in de gaten, maar op het gelijkvloers is dat nu eenmaal niet zo moeilijk... En dan had je papa die kuierend langs de rand van het water vanuit zijn ooghoeken de twee broertjes volgde terwijl die over het strand meanderden, geregeld elkaar achterna zittend, dan weer naast elkaar en hand in hand naar één of andere gebeurtenis starend. En scholier Sarah, die was de geheimen van de monetaire economie aan het ontdekken, toen kleine meisjes overal standen van papieren bloemen openden, die ze alleen maar kon kopen voor tientallen schelpjes met een heel precieze gekartelde rand. Het duurde niet land voor ze zelf ook achter een rijtje bloemen zat, maar dan was er het probleem dat er geen klanten waren...

"Er zijn veel meer stalletjes met bloemen dan er kindjes zijn die bloemen willen kopen" ontdekte ze een beetje ontevreden, zij die anders zo mogelijk nog dromeriger dan haar papa is. Gelukkig was het nog vroeg in de zonnige namiddag, en geleidelijk vulde het stand zich wat beter, en later dat triomfantelijk glunderend snoetje waarmee ze naar mij keek, bij het weer passeren van ons kasteel om Versailles naar de kroon te steken, toen er niet minder dan twee meisjes stonden aan te schuiven bij haar kraampje.

Naast de monetaire economie heeft scholier Sarah ook het principe van de inflatie en van de winst ontdekt. En toen er dan zo'n klein (naar haar maatstaven) meisje passeerde dat in haar emmertje van geen kanten de hoeveelheden schelpjes had verzameld om de marktprijzen te kunnen betalen, en daar duidelijk erg verdrietig om was, toen kapte scholier Sarah haar emmertje om in de handjes van de uk en al haar winsten waren besteed aan een goed doel.

Zeg nu nog eens dat het kapitalisme het slechtste in de mens bovenhaalt...

donderdag 10 april 2014

Eind goed, al goed

Scholier Sarah heeft het klassieke Kruistocht in Spijkerbroek gelezen. De hele wereld had gewaarschuwd dat het nog wel wat vroeg was voor een achtjarige, en de hele wereld had natuurlijk gelijk, maar toch... Scholier Sarah is nu ook niet precies van een kleintje vervaard. En ze had al eens gevraagd, met die grote oogjes die vol vertrouwen opkeken naar de Grote Specialist (ikzelf) of ik dat ook had, dat zo'n boek je wel helemaal leek op te zuigen, alsof je terecht kwam in een prachtige droom, en je de wereld wel leek te vergeten...

Ja, scholiertje Sarah, dat is nu precies wat ik ook heb, en veel en vaak en lang, en het goede nieuws is dat er nog héél veel boeken zijn waarmee kindjes zoals jij hun leven zullen vullen. Maar alles wanneer de tijd gekomen is, natuurlijk. Ze is er zich nu al van bewust dat er zoiets bestaat als Lord of the Rings, en ze kan haast niet wachten... Maar dat zou echt te vroeg zijn, en het zou heel jammer zijn al die pret door ongeduld te bederven...

Kruistocht in Spijkerbroek, dus. Het was inderdaad nog wat vroeg. Maar ze is helemaal haar papa. Wij kijken naar boeken zoals veel mensen naar veel kunstwerken kijken. Een schilderij, een muziekwerk: je ondergaat het toch ook niet maar één keer om het dan voor altijd te negeren? Zo ook met boeken, en inderdaad zijn we in onze eerste lectuur vaak wat oppervlakkig - maar dan al die wonderlijke ontdekkingen die je doet als je het een paar jaar later nog eens opnieuw leest - en voor de vijfsterren onder de boeken, later nog eens, en nog eens...

Het ging inderdaad wat met horten en stoten, maar uiteindelijk greep het haar vast, en het zoog haar op als in een droom, alsof ze de hele wereld vergat... En ineens stond ze daar, met hangende schouders, met een sip gezichtje, en de wangen... Ze waren nat van de tranen! Want het boek was zo heel mooi geëindigd, zo heel ontroe - hoe - hoe - rend. Ja, vertelde ze snikkend, toen de papa bezorgd ter hulp snelde, ze had nog nooit een boek gelezen dat zo mooi was geëindigd.

En zo hebben we weeral heel veel bij geleerd. Boeken hoeven niet te eindigen met "ze leefden nog lang gen gelukkig". Het kan er ook mee eindigen, na dat machtig avontuur dat je daar net hebt beleefd, dat je afscheid moet nemen van je vrienden, één na één, beseffend dat je ze nooit meer zal terug zien, en dan terug naar die eigen wereld van je, je hebt er de hele tijd naar verlangd, maar het blijft een enorme ontnuchtering... De keuzes die je in je leven moet maken, de blijdschap je mama en papa terug te zien...

Het goede nieuws was Thea Beckman nog veel meer boeken heeft geschreven. Ja, het is eigenlijk nog wat vroeg. Maar haar gezichtje klaarde er helemaal van op.

zondag 9 maart 2014

Tikkertje Brug

Om de zoveel tijd passeert een zodanig vroege lentedag dat ik vol verwondering zit te kijken: hé, het is winter, en hier zit ik in hemdsmouwen in de tuin, en overal rond mij spelende kindjes... De pruimelaar staat in volle bloei, de botten van de Japanse Kers beginnen te bewegen en overal kruipt de lente uit de grond.

Vorig jaar omstreeks deze tijd lag er sneeuw.

En omdat deze keer de spelende kindjes weeral zoveel groter zijn ontwikkelden zich heel nieuwe ontwikkelingen. Je moet weten, naast ons wonen ook nog scholier Axelle (leeftijdsgenoot van scholier Thomas) en kleuter Len (leeftijdsgenoot van kleuter Simon). Ze joelen door de twee tuinen, maar Tikkertje gaat niet zo goed. De grootste kunnen de kleinste tikken maar niet omgekeerd, en analoog aan de entropiewet eindigt het in de warmtedood van het spel wanneer de jongste kleuter de tikker is, maar niemand kan inhalen.

Enig onderhandelen levert "Tikkertje Brug" op. Er zijn twee tikkers. Wie geraakt is moet op een bepaalde plaats stil staan, en als iemand van de vrije spelers de gevangen speler kan aantikken is die weer vrij. En natuurlijk speelt één van de twee tikkers halvelings de rol van bewaker en op die manier is het heelal veel stabieler: dolle pret.

Maar wacht, papa heeft ook nog zijn rug bezeerd bij het tillen in het containerpark, en als halve gehandicapte kan hij nog net de rol van bewaker op zich nemen. Natuurlijk neemt mama daarop ook deel aan het spel, en de zeven spelers laveren gierend van de pret doorheen de tuin alsof het universum zelf terug jong was.

Later zit iedereen hijgend een grooot glas water te drinken, nog later zitten de twee families buiten te eten respectievelijk te picniccen, nog later wordt in alle hoeken en gaten van de tuinen kattekwaad uitgehaald, en de avond eindigt met een grote voetbalpartij met een buurjongen van nog een tuin verder (ondergaande zon, zachte avondlucht,...)

En dat was dan een negende maart; een dag waarop het officieel nog twaalf dagen winter is, maar het voelde als bijna zomer. Van mij mogen er zo nog een paar komen.

woensdag 27 november 2013

Een gebeurtenis waarop ik lang heb moeten wachten

Boven in de slaapkamer van scholier Thomas staat een groot, stevig kasteel van Playmobil. Weliswaar heeft Sinterklaas dat vorig jaar gebracht, maar hij was toch ook wel een beetje beïnvloed door het feit dat papa, heel lang geleden, zelf ook een kindje was, dat de rest van zijn leven een uitstekende herinnering had bewaard aan torens en kantelen, aan ridders en barbaren, en dat vele uren lang, en jaren aan een stuk.

Maar kleine kindjes worden groot, en ik weet nog heel goed hoe ik destijds met pijn in het hart (zoals dat heet) afscheid nam van mijn kasteel, en dacht: nu zal ik een zoon moeten krijgen voor het ooit weer politiek correct zal zijn om nog met een kasteel en riddertjes te mogen spelen.

En ja, hoe zou iemand als ik ooit aan kinderen geraken, nietwaar?

Maar intussen is scholier Thomas zes jaar, en het kasteel staat er al een tijdje, en enkele verjaar- en feestdagen later zijn er ook al negen Leeuwenridders en vier Elfenridders en verder nog een heleboel Barbaren bijgekomen, en eindelijk was het zover!

De scholieren Sarah en Thomas trokken opgetogen mee naar boven en de les begon! Ooit, heel lang geleden, was er de Feodaliteit ("dat woord hoeven jullie niet te onthouden, hoor"). Kortom, als je daar als koning zat in Parijs en de Vikingen plunderden Normandië, en jij moest te paard etcetera etcetera, ergo, de koning recruteerde graven en de graven recruteerden baronnen, en de baronnen recruteerden ridders en op die tijd was het kasteel helemaal opgesteld en bemanden zes leeuwenridders de kantelen, en drie leeuwenridders zaten op een paard en hielden een speer in hun hand...

Dolle pret! De Barbaren kwamen er aan, en de ridders te paard probeerden een uitval, maar ze raakten verstrikt in die enorme bende Barbaren, en alleen met de hulp van een paar collega's uit het fort raakten ze terug het kasteel binnen. Nu brachten boodschappers (vuurtorens, rooksignalen, postduiven, andere...) de hulpkreet over naar de elfenridders en die zaten al gauw ook met een speer op een paard en ze vielen de Barbaren aan zoals de ruiters van Rohan aanvielen op de Orks rond Minas Tirith (of wat had je nu gedacht?) en weer donderden de ruiters vanuit het kasteel naar buiten en deze keer zaten de Barbaren in een sandwich van speren en scholier Thomas kon zich niet langer inhouden en veegde luid brullend al de mannetjes van papa een hoek in, en het kasteel was gered.

Aaaahhhh, kijk, ik heb er lang op moeten wachten, maar deugd dat het heeft gedaan...

maandag 29 juli 2013

Groen licht voor kleuter Simon!

Vandaag was hij bij de pediater, en alles gaat naar wens. Het water was uit zijn longen weg, en de infectie was net niet helemaal verdwenen. Aan kleuter Simon zelf is ook al "lang" niets meer te zien. Hij springt hoger dan ooit op de trampoline en 's morgens eet hij vier (4!) boterhammen met choco. Dat laatste kan kloppen, iedereen zegt dat hij erg vermagerd is.

En ik denk aan al die mensen, uit de tijden voor de antibiotica, die ook naar hun lusteloze kleuter hebben gekeken, helemaal geveld in zijn ziekbedje, en die niet hebben mogen meemaken dat hij enkele dagen later weer door de tuin achter zijn broer crosst alsof er nooit iets aan de hand geweest is. Wijzelf, daarentegen, zoals het gegaan is met dat "ontslag" uit het ziekenhuis om prompt weer naar de veertig graden koorts te gaan, wij zijn  er nog eens goed van doordrongen hoe broos dat allemaal is, hoe vlug dat allemaal weg kan zijn, en dan is weg ook echt wel heel erg weg.

Maar momenteel lijkt alles in orde. Het schijnt dat hout vasthouden helpt.

maandag 22 juli 2013

Kleuter Simon is weer thuis

We moeten nog één keer per dag naar het ziekenhuis voor een baxter en het water in zijn longen was nog niet weg, maar behalve (natuurlijk) mama en papa is er (natuurlijk) niemand die nog denkt aan de ijselijke scenario's die ook bij ons nog maar drie keer per vijf minuten opkomen. Kleuter Simon eet veel bokes, kleuter Simon speelt met zijn autootjes ("hij is weer beter"), kleuter Simon lacht... Enzovoort.

Voor mama's en papa's zijn het spannende tijden (geweest). Koortsthermometers die dagen aan een stuk boven de 40 gaan, de kleuter die in mekaar gezakt tegen een muur ligt te hijgen, een dag na een eerste ontslag uit het ziekenhuis alweer koorts, resistente bacteriën, uitgewerkte antibiotica, het kruipt allemaal niet in je kouwe kleren.

Mama's en papa's moeten ook nog gaan werken. We lossen elkaar af om te mogen gaan; de ander houdt kleuter Simon gezelschap in het ziekenhuis. Buiten passeren hete zomerdagen, binnen zit je in een zo mogelijk nog hetere kamer naar een thermometer te kijken. Ziekenhuiseten, 's nachts wakker gemaakt worden voor de verversing van de luid piepende baxter, bezoek van de dokter, sms'jes van en naar de mama. Ik heb er in totaal vier nachten geslapen, en er overdag nauwelijks een voet buiten gezet. Eén keer ben ik naar een vlakbij gelegen apotheker gelopen. Ik voelde me als een soort worm, zo'n witte made die vanonder een steen in de brandende zon komt gekropen, ogenknipperend rondkijkend, hé, de mensen zitten op een terrasje iets te drinken, en dan weer naar binnen, de wereld draait misschien verder, maar wij staan stil.

En dan - was het donderdag? - wat een verschil een dag kan maken, de koorts is weer onder de 38 gezakt (maar de vlek in zijn longen is er wel nog). Het is één uur 's middags, hij valt in slaap, en ik weet, hij kan gemakkelijk drie uur slapen. Ik sluip de kamer uit, ik loop de gang af, de lift, de voordeur, hé, het is volop zomer! De zon schijnt (de koorts is gezakt), de mensen zien er fleurig uit, de terrasjes in Mechelen ook (de koorts is gezakt) en de straten met bloemen en de bruggen over riviertjes geven me zowaar een vakantiegevoel. Haja, want de koorts is gezakt. Ineens zit ik op een terrasje, want de koorts is gezakt, en er staat zelfs een ijsbeker voor me (de koorts is namelijk gezakt).

De zon geeft weer licht, de wereld draait wel degelijk verder, ik zit daar doodstil op dat terrasje, in de schaduw van de kathedraal onder een boom, de ogen half gesloten, nauwelijks een klop uitgevoerd, de laatste twee weken, maar bijna even uitgeput als iemand met longontsteking. De koorts daalt verder, de vragen veranderen van "hoe hoog was het?" via "hoeveel heeft hij gegeten?" in "wanneer mag hij naar huis?".

En dat is waar hij nu is. In zijn bedje, om precies te zijn, en ik denk wel dat hij weer drie uur zal slapen. Deze nacht heeft hij 11 uur geslapen, deze keer zonder dat iemand de baxter kwam veranderen. Maar weet, zoals we hem al eens onmiddellijk hebben moeten terugbrengen, dat we pas gerust zullen zijn als we alweer véél verder staan.

zaterdag 20 juli 2013

Longontsteking, met complicaties

Voor er paniek uitbreekt, momenteel is de koorts weer gezakt, intussen tot 36.9, zonder koortsremmers (maar met antibiotica, natuurlijk), dus momenteel geen paniek.

Maar kleuter Simon was nog maar pas ontslagen uit het ziekenhuis, toen zijn temperatuur alweer naar 39 graden ging, en sinds vorige maandag ligt hij opnieuw aan een baxter. Het blijkt dat er water in zijn longen zit, niet veel, te weinig om te draineren zelfs, maar de vlek blijft stabiel. En dalende koorts (en een oplevend kind) is erg fijn, maar de vorige week daalde de koorts ook en leefde hij ook op, en toch, baxter, enzovoort.

Vandaag was ik even aan het praten met een erg kindvriendelijke pediater, die me desgevraagd vertelde, als je dit voor hebt wanneer er geen antibiotica is, dan ben je hem kwijt. Ik probeerde nog van "maar je leest in die oude boeken toch altijd van hoe er 'de beslissende crisis' komt, en hoe sommige hoofdpersonages er dan nog doorkomen, maar andere niet?". Wel, in dit geval niet, dus, het is een bacteriële infectie, en die was blijkbaar voldoende hevig om zeker te weten: dik een halve eeuw geleden was hij er al niet meer.

En dat heeft iets ontzettend verkillends.

Leve de antibiotica - en alleen de mama's en papa's zelf staan nog even stil bij het feit dat complicaties wel degelijk bestaan, en dat ook de antibiotica wel eens steken laten vallen. Maar je voelt ook dat niemand in dat ziekenhuis of in onze omgeving daar met ernstig bezorgde gezichten op staat te kijken.

Een scène van vele decennia geleden komt in me op. Een nonkel heeft een zoontje verloren aan een ongelukkige val, zes jaar oud. We bezoeken het opgebaarde kind, en zoals daar en toen de gewoonte was beschrijven we met de duim een kruisje op zijn voorhoofd. Ik weet nog hoe ik als kind, niet veel ouder dan hij, dacht: hoe koud hij aanvoelt, en zo wit hij er uitziet. En hij lag daar zo mooi, iedereen had altijd gezegd wat een mooi kindje hij wel was, en toen zei de papa, nat van de tranen boven dat bedje "het is juist alsof hij slaapt".

En inderdaad, mijn hele leven is me bijgebleven hoe die ouders het niet zullen geloofd hebben, dat hij niet even later weer opstaat en met zijn autootjes gaat spelen.

Ik zit te kijken naar kleutertje Simon; hij slaapt. Het is ochtend, en ik denk terug aan de nonkel die destijds ook naar zijn zoontje keek en bij zichzelf zei: hij slaapt. Dadelijk wordt hij wakker en gaat hij recht zitten. Anders dan destijds opent kleutertje Simon zijn oogjes, hij herkent me en zet zijn bekende brede grijns op. Even later zit hij met zijn autootjes te spelen. Zijn chocomelkske is al op.

donderdag 11 juli 2013

Kleuter Simon heeft longontsteking

En ik vraag me werkelijk af: is dat nu echt wat we vroeger "tuberculose" en "TBC" en "tering" noemden? Want dat het geen grapje is, dat was me vroeger al duidelijk, maar zijn we nu werkelijk zelf aan het meemaken dat wat nog maar pas een heel gevreesde doder was er vandaag als een extra irritante zware verkoudheid bij ligt?

"Extra irritant" omdat hij al enkele dagen in het ziekenhuis aan een baxter ligt. "Verkoudheid" omdat er nu al weer sprake is van "naar huis komen". En dat is belangrijk, want toen hij er die eerste dag nog zo sip en lusteloos bijlag vroeg hij al "en als ik genezen ben, mag ik dan weer naar huis?". Wat beelden ze zich toch allemaal in, die kleintjes van vier jaar oud...?

Om nog te zwijgen van hoe belangrijk het is in vergelijking met de tijden waarin het heel normaal was, als vader van drie kinderen, dat je er minstens één nooit tot volwassenheid zag opgroeien. Die tijden liggen heus nog niet zo lang achter ons. En die tijden bestaan nu nog, op veel plaatsen in de wereld, en laten we eerlijk zijn, behalve er af en toe eens grote ogen over opzetten of desnoods wat verbaal geweld kan ons dat in feite geen barst schelen, nietwaar?

Tot het ons eigen kind is, natuurlijk.

Na zo'n twaalfurige dag in het ziekenhuis valt me weer op hoe sterk zo'n "moederinstinct" toch kan zijn, zelfs als het in een vader zit. Want geloof me maar, ik ben daar nu twaalf uur van wacht geweest, maar dat is allemaal maar juist goed genoeg om mijn goede wil te tonen, in vergelijking met wat de mama er allemaal voor doet. Bovendien is hij al heel erg opgekikkerd; duidelijk nog geen soort bacterie die bestand is tegen antibiotica. (Laat ik toch toevallig juist Plagues and Peoples van William McNeill en Rats, Lice and History van Hans Zinsser zitten lezen, zeker, een mens krijgt er gestold bloed van.)

Maar dat vaderinstinct, dus. Kleuter Simon is al heel erg opgekikkerd, en kleuter Simon onderging de beproeving toen hij nog bepaald niet opgekikkerd was (en geloof me...) met een filosofische berusting, de zoon van een filosoof waardig (om van een familie aan moederskant, waar "flauw zijn" echt niet in het woordenboek staat te zwijgen). Maar in zo'n kinderafdeling hoor je dus kindjes schreien. Niet kleuter Simon, die zit alweer met zijn autootjes te spelen. Dus papa loopt de gang op. Wandelend langs de deuren vang ik een glimp op van een babietje, spartelend in zijn bedje, luid huilend, maar er is niemand die hem pakt.

En mens, wat heb ik op mijn tanden moeten bijten, echt doorzetten, om er niet naar binnen te gaan en dat babietje op te pakken en een grooote knuffel te geven (als je zelf drie kinderen hebt, en een beetje vaderinstinct, ben je echt een ervaringsdeskundige). Echt heel sterk, zo'n vaderinstinct.

Maar voor de rest blijf ik een afstandelijke, hooghartige, koude mens, hoor.