zondag 6 mei 2007

Feodalizering en een "Theorie van de Geschiedenis"

Een tijdje geleden stond hier een post over verschillende manieren waarop vroegere beschavingen het probleem van de verhouding tussen een centraal gezag en onderhorige gebieden oplosten (1). Om zich te verdedigen tegen barbaren en nomaden was een georganizeerd bestuur nodig, dat onder meer een geregeld leger moet ondersteunen. De post van destijds beschreef verschillende manieren om dat te organizeren, met een vlugge hint naar de invloed van de respectievelijke economieën waarop de verschillende beschavingen zich baseerden.

Recenter kwam er een post die verwees naar een boek van Bernard Lewis, een historicus die beroemd is geworden als historicus van het Midden Oosten en de Islam (2). Ik zei nog dat ik het interessant genoeg had gevonden om nog boeken van hem te lezen. En nu ik een heel eind zit in een tweede (3) merk ik een interessant verband met die vroegere post op.

In de eeuwen voor het jaar 1,000 AD vormde de Islam een politiek quasi eengemaakt gebied, met een bloeiende handel en de bijhorende cultuur, zoals je die van soortgelijke beschavingen (de Romeinen, de Chinezen, de Perzen en noem maar op) in soortgelijke omstandigheden al vaak had gezien – en in de toekomst nog vaak zou zien. Handel, industrie, een geldeconomie, een centraal gezag... En dus ook een bijhorende militaire organizatie, die zich waarlijk geen zorgen hoefde te maken over vreemde veroveraars. Gedurende die eeuwen waren de Arabieren en de volkeren die in de Islam waren ingelijfd zelf de vreemde veroveraars.

Vanaf de elfde eeuw begon één en ander mis te gaan. In feite een beetje zoals in de post over de verschillende maatschappelijke organzaties al stond. Er ontstond politieke versnippering, de druk van nomadische volkeren (zowel uit het noorden, in de gedaante van Turken, als uit het zuiden, in de gedaante van Bedouïenen) werd veel groter, de materiële basis van de beschaving brokkelde af, de geldeconomie brokkelde mee af, de militaire slagkracht idem ditto, en het was hervormen of tenonder gaan.

En wat er gebeurde was dat de Islam vanaf de elfde eeuw hervormde in de richting van een feodalizering. In het bijzonder de Turken werden in de Islambeschaving geabsorbeerd door middel van het toekennen van land in ruil voor militaire dienst. Feodalizering dus, als antwoord op twee van de problemen uit die vorige post. Er was niet langer een geldeconomie om het centraal gezag te dragen, en de vreemde invallers werden zelf gerecruteerd als deelnemers aan, en verdedigers van, de beschaving.

Die ontwikkeling doet vervolgens denken aan een ander boek waar het hier al eerder over ging (4). In dat boek stond hoe het Westen in het jaar 1,000 een feodaliteit was (sterk gesimplifiëerd: in reactie op invallen door de Vikings). Door de loop van de eeuwen ontstond een geldeconomie, ontstonden steden, ontstond technologie... En volgens dat boek is het verhaal van de successen van Europa het verhaal van hoe de ontwikkeling van de Europese sociaal-politieke instellingen tot staten al die andere ontwikkelingen mogelijk maakten.

Maar in dat geval krijg je een heel interessante vraag. Recapitulerend: om redenen die te maken hebben met vreemde invallers evolueert Europa tussen het jaar 1,000 en (pakweg) 1,700 van een feodaliteit tot een systeem van naties en staten. En in dezelfde periode, met een soortgelijke causaliteit, evolueert de Islam van een Imperium van “naties en staten” (Arabieren, Perzen, Egyptenaren, Byzantijnen, later ook Turken, Noord-Afrikanen en Indiërs,...) naar een feodaliteit. Het gaat blijkbaar om een historische ontwikkeling die in beide richtingen kan gaan. En die richting hangt blijkbaar af van de aard van vreemde invallers, de impact die ze hebben, en in welke fase van ontwikkeling ze precies optraden. Noem dit punt één.

Punt twee is dan het idee van North & Thomas, namelijk dat de ontwikkeling van politieke instellingen de ontwikkeling van technologie en wetenschap bepaalt. Tellen we één en twee bij elkaar op, dan krijgen we (behalve drie) een “theorie van de geschiedenis”; laat ik het maar snel een hypothese noemen. Die zegt dat de relatieve periode waarin resp. “Vikings en Turken” (in werkelijkheid waren er aan beide kanten veel meer vreemde invallers, natuurlijk) resp. Europa en het Midden oosten binnenvielen, bepaalde welke van deze twee beschavingen – die in zovele opzichten op elkaar lijken, zie ook (5) - een Renaissance (1,500) , een Wetenschappelijke Revolutie (1,600), een Verlichting (1,700) en een Industriële Revolutie (1,800) kende, en welke niet.

Dat geeft ons een theorie naast meer bekende theorieën, die gaan over hoe blanken het beter deden omdat zij superieure genen hebben, of hoe Europeanen het beter deden omdat ze een superieure cultuur hebben, of hoe Europa het beter deed omdat het een beter klimaat heeft, of omdat Europa veel meer oceaankust (“vrije handel”) heeft . De lezer merkt hoe ik de theorieën gerangschikt heb naarmate ze in mijn ogen van "lachwekkend" naar "interessant" opklimmen. Wie me een beetje kent weet overigens ook wel dat ik helemaal niet voorstel om de serieuze theorieën er uit te gooien en te vervangen door de “nieuwe” (het boek van Lewis dateert van 1,950 en North & Thomas is van 1,973...) hypothese. Wat ik wel denk is dat we het probleem van de “resolutie van de geschiedenis” (6) beter aanpakken naarmate we meerdere geloofwaardige invalshoeken weten toe te voegen. Bij dat hoofdstuk dat ik net van Bernard Lewis aan het lezen ben krijg ik in dat verband toch een beetje een “aha-gevoel”...

------------------------------------------------
(1) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2007/01/enkele-soorten-maatschappelijke.html
(2) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2007/03/dom-rechts-islam-en-beschaving.html
(3) Lewis, The Arabs in History, 1,950 (1,993)
(4) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2006/09/rechts-maar-toch-goed-north-thomas.html
(5) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2006/08/de-baarmoederstrategie.html (6) http://speelsmaarserieus.blogspot.com/2007/04/de-resolutie-van-de-geschiedenis.html

Geen opmerkingen: